We genieten van onze tijd in Nederland. Fijn is het om de verschillende broeders en zusters te ontmoeten die we lange tijd niet gezien hebben. Afgelopen Zondag waren we in de baptistengemeente van Doorn. Albert sprak over een tekst uit Hosea:"Ik(de Here) zal mijn volk in de woestijn leiden, en daar tot hun hart spreken”. Het dal van Achor(ongelukddal) wordt de deur der hoop! Voor Israel, maar ook voor ons! Donkere tijden in ons leven zijn niet de slechtste tijden. Na de dienst getuigden een aantal mensen daarvan. “In de moeilijke tijd waarin ik ben, wil God tot mij spreken.
In een “moderne” Baptistengemeente zongen we de oude Psalm:”k’Zal Zijn lof zelfs in de nacht zingen daar ik Hem verwacht, en mijn ziel wat mij mocht treffen, tot de God mijns levens heffen”
Op maandag-middag is er(letterlijk) bij ons om de hoek de zgn. Maranatha kring.
Een kring opgericht in 1925 door Joh. De Heer. Ook hier kwamen we bekenden tegen. En wat wordt er hier heerlijk gezongen. Elke week gaan hier verschillende broeders voor: Dhr. Verkerk, Evangelist C. Terpstra, van Nes, A.b Stier, A.P van de Sande, A Davidse enz.
Zondag “uit de Kerk(net zoals vroeger) naar Hoek van Holland gereden. Na de koffie lekker gegeten
Hollandse “leesjes”:“Saambinder”(het lijfblad van de Gereformeerde Gemeente) “Israel bode” “Israel en de Bijbel” “Nieuw leven” “Zoeklicht”. Bij moeder Knoester zijn ze allemaal te vinden.
In een(een paar dagen geleden geopende) boekhandel vonden we prachtige boekjes. Waaronder het boekje “Joseph Zalman, een gezondene uit Israel” Een boekje gescheven in de jaren 30. Het gaat over een Joodse man, die de Here Jezus leerde kennen als zijn Messias. Een citaat. “Nooit zal ik dien eersten keer vergeten dat Zendeling Zalman mij meenam naar de Holland-Amerika-Lijn. De Joden die om het hotel, door die maatschappij voor de emigranten gebouwd, ronddwaalden, kwamen dadelijk aanlopen en groepeerden zich om hem, dien zij blijkbaar kenden. Zoodra hij begon te spreken, begonnen de Joden te schreeuwen , sommigen te schelden en hun diepste verachting over het uit te gieten. Zalman vroeg:”Waarom maakt gij het mij onmogelijk om tot u te spreken?” Ik begeer niet om u tot iets te dwingen broeders. Maar ik heb ernstige dingen tot u te zeggen en ik ben gekomen om die rustig en kalm met u te behandelen.
Sommigen waren te boos om bedaard te zijn. “Wat recht hebben jullie, afvallige Joden, om van ons te eischen dat we naar je hooren zullen, jullie, die den godsdienst van je voorvaderen hebt verloochend” Zachtmoedig antwoordde Zendeling Zalman:”Ik wilde u juist aantoonen, dat ik den godsdienst mijner vaderen niet verlaten heb. Ik wensch mij op niets en niemand anders te beroepen dan op Mozes en de profeten”.
In de rust, die nu volgde, kon Zendeling Zalman spreken, en meer dan enkele oogenblikken rust had hij niet noodig, om de schare, zeker uit eenige honderden Joden bestaanden, tot luisteren te dwingen, hetwelk weldra overging in een gespannen aandacht, die als aan zijn lippen hing. Hij bracht hen de lijdende Messias voor oogen, lijdende op grond van de Schriften, en Jesaja 53 was hem daarbij tot leidraad. In ademlooze stilte werd toegeluisterd…..
Het slot van het boekje:”Een paar weken voor zijn heengaan verzamelde hij de voornaamste bestuursleden met den secretaries der “London Society” die daartoe was overgekomen rond zijn ziekbed. In en van de heldere oogenblikken, die daarna nog volgden, herhaalde hij
woord voor woord het 37e vers van Jeremia 31, met den vollen nadruk op de laatste woorden:”Indien de hemelen daarboven gemeten, en de fundamenten der aarde beneden doorgrond kunnen worden, zoo zal Ik ook het gansche zaad Israel verwerpen, om alles wat zijn gedaan hebben, spreekt de Heere” En hij voegde er aan toe:”Dat is de onveranderlijke belofte voor mijn volk, maar Christus heeft er mij ook persoonlijk deel aan gegegeven.
Zoo zag hij ten slotte zijn volk, zijn leven, zijn werk in het licht der eeuwigheid. Het alles verliezende, om het alles te behouden alleen op grond van Gods belofte, Gods werk, Gods genade in Christus.
“Door Zijn striemen onze genezing” dat was wel het laatste wat we daarover hoorden, voordat hij voorgoed het bewustzijn verloor. En aan den laten avond van den 17en November 1924 ging hij in vollen vrede heen, om van aangezicht tot aangezicht te aanschouwen, wat hij hier als in een Spiegel gezien en verkondigd had.
Dit boekje is een echte “gouden kleinood” We zouden het in onze dagen anders zeggen, en anders formuleren misschien. Maar het was hartverwarmend om te lezen hoe velen in ons land de boodschap van heil en redding gebracht hebben aan Joodse mensen.
Esther is een dagje bij haar moeder geweest. Albert heeft een dag in Rotterdam rondgelopen.
Deze week hopen we ons thuisfront te ontmoeten.




